Skip Navigation

Collum

Blauw Bloed in Swartbroek, anno 2010.   (1)

Intussen weet heel Swartbroek welk paar dit jaar de status "dorstlustige hoogheden" ontving:
Wil en Anja Geelen uit de Bertiliastraat, met hun vrolijke dochter Laura (zit in groep 8).
Stapels felicitatiekaarten kregen ze, uiteraard van vrienden en bekenden, maar ook - en dat is opmerkelijk, zegt het prinsenpaar - van aardig wat mensen van wie ze het niet verwachtten.

Begin september 2009 kwam in Huize Geelen de vraag binnen: willen jullie de prins en prinses van 2010 zijn?  Anja had het antwoord meteen klaar: ja!  Haar Wil vroeg en kreeg nog wat bedenktijd. Hij staat niet zo graag in de schijnwerpers. Maar ook hij besloot: vooruit met de geit! Wat uiteindelijk de doorslag gaf was allereerst het besef dat ze als gezin er juist nú optimaal van zouden kunnen genieten. En verder wisten ze uit ervaring (Wil is 11 jaar lid van de Spoeëkejaegers en dus ook jubilaris) dat je als prins en prinses gewoon achter de muziek aan kunt, dat je persoonlijke kwaliteiten en wensen serieus worden genomen en dat er bij wijze van spreken een warme cape over je schouders komt te hangen.
Voor het prinsenpaar is het een onvergetelijke belevenis geworden. Het middelpunt mogen zijn van een uitbundig dorpsfeest, veel Swartbroekers beter gaan kennen en in een hele serie openbare optredens ervaring opdoen waar je heel je leven wat aan hebt. Wat wil je nog meer?

Gevraagd naar de mooiste momenten staat hun mond niet meer stil. De "truckersavond" voor de verenigingsleden was heel bijzonder. Wil is vrachtwagenchauffeur en waar ze op hoopten gebeurde ook: een toppie feestje, recht uit het hart, zonder kapsones, eerlijk en gewoon.
(Een impressie ervan staat op de website, zie "Collum".)  Ook het samenwerken met hun adjudanten, hun vrienden(!), hoort tot de hoogtepunten. "Als je eens wist wat een lol het gaf,  dat bedenken en fabriceren van ludieke cadeaus voor collega-prinsen!"

Ja, waar het leutig is voelen onze Hoogheden zich thuis. Zoals in de optochtcommissie, de Spoeëkejaegerswerkgroep die tot taak heeft alle deelnemers aan de optocht zo goed mogelijk tot hun recht te laten komen. Volgens Wil zijn de commissie-vergaderingen een soort kraamkamer voor dat typisch Swartbroek-mengsel van ernst en luim.
Volgende week dinsdag belooft hun topdag te worden, met de optocht als hoogtepunt.

Dan vormen ze zélf het uitbundige sluitstuk van de bonte stoet. Ze zijn zich zeer bewust van het feit dat zij nu ook gaan behoren tot de enkele tientallen Swartbroekers die in de loop der jaren vanaf de hoge prinsenwagen de dorpsgenoten hebben mogen toezwaaien en begroeten. Een hele eer. "Prins ben je maar één keer in je leven en we zullen ervan genieten, reken maar!"

En dan de hamvraag: "Wat, als je een bom duiten mocht investeren in een sociaal doel?"  "Die gaan naar het bevorderen van de leefbaarheid in ons dorp. We denken met name aan de jongelui tussen de 13 en de 17/18. Hen iets aanbieden. Voor die groep is hier te weinig, maar als de nieuwe accommodatie eenmaal klaar is zouden ze kansen moeten krijgen." 

Mogelijke activiteiten passeerden de revue, er werden namen genoemd . . . 

De audiëntie liep flink uit.                                                                                              w.g.


Blauw Bloed in Swartbroek, anno 2010.   (2)

"Onze grote kleine prins", zo introduceert vorst Bert steevast onze jeugdprins Lars van Hoef
bij de jeugdprinsen van de bevriende carnavalsverenigingen uit het Weerter Land.
"Swartbroeks Beauty" zou het koosnaampje voor prinses Anne van de Kruijs kunnen zijn.
In heel de omgeving is zij de énige prinses in het lang, met dank aan haar voorgangster. Zo!
Ze voelen zich zeker van zichzelf. Zie het fotoalbum op de site onder "Jeugd WTV Treffe". Kicken is ‘t, dat ál die mensen je komen feliciteren. Volop ervan genieten, dat willen ze. Bijvoorbeeld over enkele dagen bij de jeugdboerenbruiloft. Dan laat het sportieve koppel weer zien hoe je moet dansen en hossen. En natuurlijk bij het slotspektakel: de optocht.
Je ziet het jonge prinsenpaar groeien in hun rol, stellen meerdere Spoeëkejaegers vast.
Denken ze er zélf ook zo over?  Hoe hebben ze tot nog toe alle commotie doorstaan?
Wat vinden ze leuk, wat is minder boeiend? Wat zijn hun wensen voor Swartbroek?
Vragen te over en redenen genoeg om me nederig te melden bij de prins thuis.
Onder het toeziend oog van hun moeders hebben de twee al hun geheimen verklapt.
Om te beginnen: de toekomstige sportfysiotherapeut en de kleuterjuf in de dop kunnen het goed met elkaar vinden. Dat geldt trouwens ook voor hun moeders, die elkaar kennen van
de gezinsvieringen in de kerk. Verder zijn de jongelui en ook hun ouders zeer te spreken over de steun vanuit de carnavalsvereniging. Hun persoonlijke begeleiders zijn steeds in hun nabijheid en lossen alles voor hen op. "Zenuwen zijn dus niet nodig." 
De twee families horen niet tot de kern der Swartbroeker vastelaovundjvierders. Ze hadden dan ook nauwelijks een idee van de sfeer waarmee ze te maken zouden krijgen. Al sta je als gezin vierkant achter je kind, die positieve insteek zou snel zijn verdampt als er geen kindvriendelijke aandacht te bespeuren was geweest. "We worden echt óveral bij betrokken. We horen er gewoon bij."    
Lovende woorden ook over de enorm leuke reacties van ál hun klasgenoten. Ja, sommigen van hen hadden óók graag het stralend en pralend prinselijk blauw omgehangen gekregen. "En toch, op  de kinderbontemiddag waren ze allemaal van de partij. Echt keigaaf!"     
"Wat vinden jullie van Swartbroek?" luidt mijn slotvraag aan de prinselijke hoogheden.
De twee hebben alleen maar lovende woorden voor al wat er hier te doen is voor de jeugd
en ze geven een uitzonderlijk hoog cijfer aan het kindervakantiewerk.
"En waar gaat jullie blauwe bloed van koken?" 
"Van al die hondenpoep op onze speelveldjes. Jakkes!"                                                  
Als ze een zak geld te besteden kregen ging dat op aan nieuwe speeltoestellen.       

W.G.


Wins van oôse prins Wil II en ziên prinses Anja                                                                2010

De wens van de Prins was van eenvoudige aard. Dresscode "trucker" en verder gezellig iedereen bij elkaar. Dus naar de sponsorwinkel voor een XL en L geblokt overhemd, type H. Wijngaarden. Er waren er veel die dezelfde gedachte hadden. Toch maar even de steunzolen in de laarzen, want de artrose in de knie is onverbiddelijk. En de hele avond een kruk claimen  is ook niet alles. Renee had net een uurtje of wat ónder een truck (of trucker!) gelegen en geen tijd meer gehad zich te douchen of te verkleden . . . 
Rond half tien zag ik dat de kapstok was getransformeerd tot een composthoop van textiel. Ik kwam ene Mathilde tegen (yes, all the way from Arizona). Joke's hoofd fluorideerde licht roze. "Annie van de Tos" hoopte op een grote bestelling en Janneke's voorfront zat strak in zwart leer. Ellie zat lekker lellebellerig in de krullen
en bij navraag bleek het koordje met het ronde schijfje, dat de hoogheden beiden droegen geen onderscheiding te zijn, maar iets belangrijks wat met rijden te maken heeft. Vanuit Vorst Bert's stem kwam de verheugende mededeling dat de ballen van Jan op temperatuur waren en dat iedereen ze kon proeven, met saus. Lekker gekruid, je zou er dorst van krijgen.
Er was kienen voor de vrouwen, die daarmee veel prijsjes wonnen uit de levensmiddelensector, waarvan kaas en leverworst meteen verslonden werden.
Op de achtergrond danste de jeugd in formatie. Veel volwassenen kwamen ook in
de benen. Dat Marga van elastiek is weet ik nu zeker. De avond had een passend hoog "Schlagergehalte". Soms leek het alsof we met zijn allen in één grote laadbak zaten en ons al zingend en zwaaiend lieten rondtoeren. Dat het live-optreden van Henk Wijngaarden een succes was hoef ik eigenlijk niet te schrijven. Goede "wijn" behoeft geen krans, Wil ! 
Nog even dit: haast ik me om in ieder café zo snel mogelijk naar het toilet te gaan  en er nog veel sneller uit (!) te gaan, bij Renee is dit niet het geval. De sanitaire voorziening in "de keet" heeft iets weg van een meditatieve pleisterplaats (nou ja, eerder plasplaats), waar ik graag even wat langer vertoef om op "koelte" te komen. De "koelte" lukte dit keer minder vanwege de indringende aanwezigheid van een aantal strakke boys, die zich via posters presenteerden . . . .  Wat de zuurstokken erbij deden was me niet helemaal duidelijk. Dat zal wel aan mij liggen.
Tot slot: de kapel, stevig gespeeld, de bon ton van de avond gezet. Het blijft prachtig  om jonger en ouder, langer en korter zo familiair met elkaar te zien spelen.

A.G.


Gouden spook.                                                                                                              2010 

Zaterdag 9 jan. Nederland in de ban van de kou en het naderend zouttekort. Swartbroek in de greep van de nieuwe prins . . .  de kapel bij elkaar, het koper in elkaar schuivend. Hier en daar nog "de beste wensen". Ik zelf voel Henry's lange armen om me heen en kussen op mijn wangen. Spoeëkejaegers-vrouwen zoeken elkaar op, de witte staantafels omlijst door de bekende blauwe boa's. Ik zie nieuwe haarkleuren en brillen, maar de hartelijkheid is dezelfde als vorig jaar. Er is interesse in elkaars wel, maar ook in het wee. Mannen in statig zwart heffen de eerste glazen, o.a. gevuld door jarige Nel. Dj's draaien de knoppen vérder open zodat gesprekken overgaan in trefwoorden met speeksel. Een beetje op gang komen, de avond verkennen.
En dan ineens gaat het toverstafje werken: door de polonaise van de jeugd komt er beweging in de avond, een slinger van lichtgevende adjudantenmutsjes van witte zijde doorkruist de zaal, voorop gegaan door een rank blond prinsesje en haar knap ogende prins. Ze zijn vanavond voor het eerst uitgedost in hun nieuwe kleren: prachtige pralend-blauwe capes, afgezet met kostbaar zilveren rand- en borduurwerk. Zó chique!
Er werd onderscheiden. En hoe! Mart van Eerd werd met zijn charmante Henny ontboden op het podium. Toen, een schok . . . het zal toch niet . . . jawel, het gebeurde echt . . . er werd voor het eerst sinds jaren weer een gouden spook opgespeld. Een soort levenslang gegarandeerde  Michelin-ster. Niet verwacht, misschien wel ooit op gehoopt . . . maar toch!
Ik dacht dat alleen vrouwen konden stralen, nu weet ik dat een man dat ook kan.
Er was een kapelletje, een mobiel godshuis, aangestuurd door twee nonnen die zich voor de gelegenheid eens goed geschoren hadden. Na een verrassende inleiding sprong er ineens een prins uit . . . de záál! Wat was het weer ludiek bedacht allemaal. Een nieuw prinselijk paar, allebei goed in de lach en in het vel zittend. Prins Wil II en prinses Anja. Alom vertrouwen dat we met hen een goeie carnaval tegemoet gaan.
Het feliciteren, handenschudden, kussen, met als laatste in de rij adjudantenvrouw Renee die iedereen zonder uitzondering hartelijk rondborstig gul omhelsde. Wat moet je er meer van zeggen? Dat Henry de kaas uitdeelde, of over de mooie prijzen die uitgedeeld werden, of over het nieuwe repertoire van de kapel? (Die trouwens met het nummer ‘Those were the days' wel erg op de feiten vóóruit liepen. Want ze hebben nog een mooie tijd te gaan voor het vaste is.

A.G. 


Wat moeten we met die spoken?                                                                                     2010

Deskundigen weten het zeker: begin 2010 komt Swartbroek in de greep van een virus.
Het neemt pandemische vormen aan en overal duiken wittige gedaanten op.
In de donkere wintermaanden proberen ze binnen te siepelen in ons dorpje bij De Krang. 

Als Swartbroekers hoeven we niet in paniek te raken. Antistoffen liggen klaar en versterking is in aantocht. De Spoeëkejaegersvorst en de twee prinsenparen met hun adjudanten bereidden in het diepste geheim een effectieve tegenaanval voor. Zij weten wel raad met die griezels. Hun rijk wordt weer spookvrij. Zonder massale hulp vanuit het dorp blijft het echter een vruchteloze drijfjacht en gelukkig is daar carnavalsvereniging "De Spoeëkejaegers".

De lijst met werkgroepen van deze vereniging overziende denk ik: wat een werk zit er vast aan een carnavalsfeest!  Dat wordt allemaal toch maar opgepakt door bewoners van ons dorpje, oude rotten én opmerkelijk veel jeugdige spokenverdrijvers. Behalve door de prinsenkoppels met hun adjudanten en verdere begeleiders ook door meer dan 50 leden van de vereniging. Velen komen bovendien meerdere keren voor op die lijst. Met man en macht wordt er tot twee keer toe gewerkt aan het inrichten (en uitruimen) van het prinsenpaleis in de sportzaal,  ook dit jaar ter beschikking gesteld door het accommodatiebestuur. Beschermvloer leggen, zaal versieren, bühne bouwen, electro aansluiten, buffetten plaatsen, wc wagen en hekken opstellen, tent opbouwen, etc. etc.  Nog één keer alles tot in de puntjes verzorgen in het paleis aan de voet van de molen. Volgend jaar biedt ‘Corneel' onderdak.

Een enorme inspanning dus van het verenigingsbestuur en van de ongeveer 20 commissies. Maar dan krijg je ook iets moois: jeugdactiviteiten, boorebroelofte, optocht, bontemiddag voor de jongsten, bonte avonden, damesactiviteiten en kerkversiering. Grote inzet mogen we ook verwachten bij de artiesten van de bonte spektakels en de optocht, alsmede bij de vrijwilligers met hun hand- en spandiensten.

Jagen op spoken gaat sinds oeroude tijden gepaard met herrie. Die taak is in goede handen bij de ongeveer 20 leden tellende carnavalskapel. De Libatrom en de Marjobekkens kwamen weer van zolder en ze staan met meer dan 30 deuntjes hun vrouwtje en mannetje in de dolle polonaise die carnaval al met al is.

W.G.


 DE POLONAISE NOG IN DE BENEN . . .                                                                           2009

Als middelpunt van een bruiloft ben je nu eenmaal maar even het feestnummer. Voor je het weet is alles voorbij en lig je alweer in bed. Genieten dus, vanaf de allereerste seconde. Laat de adrenaline maar stromen! Ook op de Jeugdboerenbruiloft (JBB) in het Spoeëkelandj.
De commissie JBB nodigde me uit voor de happening, vrijdag j.l.  én voor een interview met het onecht koppeltje, net voor de grote dag.
ROB en SANNE, hun namen waren toen nog hét grote geheim van Swartbroek.
De toekomstige feestvarkens verwachtten er álles van: "Leuk! Spannend wordt het!" 
Het begon nog maar kort geleden, in 2007, en de twee vorige bruiloften waren een succes. "We gaan ervan uit dat het ook nu weer een gezellige avond gaat worden" schreef de JBB commissie van carnavalsvereniging de Spoeëkejaegers in het vorige Kontaktblaadje.

Nou, het wérd een gezellige avond. Al die kinderen en grote mensen die speciaal jou komen feliciteren, wat wil je nog meer? Een feest tot laat in de avond en jij voluit voorop in de polonaise, samen met de getuigen MICHIEL en CELINE en de rest van de JBB familie uit
het Spoeëkelandj en met als speciale gasten het jeugdprinsenpaar en de voltallige jeugdraad van de Heikneuters, al deze jaren ook van de partij in Swartbroek . . . daar droom je toch van!
Het boerenbruidspaartje wist het al twee weken. Sanne had haar manier om toespelingen van klasgenoten uit de weg te gaan. Dat ze dan een rood hoofd kreeg daar zat ze niet mee.
Rob pareerde iedereen met "ik doe niet mee met die flauwe kul."
De precieze gang van zaken is bijna niet te beschrijven. Hoe slim je als kind ook bent, toch zijn die ouders van je en die JBB commissie nog slimmer en krijg je voor je het weet een grote enveloppe in de hand gespeeld met daarin JOUW NAAM. Jippie!!!
Achteraf snap je pas waarom je moeder iets deed of niet deed, waarom je zonodig mee moest naar een kledingwinkel en waarom de verkoopster daar toevallig jouw maat kon gebruiken voor een ánder meisje.
Het werd dé avond van hun nog jonge leven en ze hebben volop gedaan wat van hen verwacht werd: zich in het zweet werken bij het hossen, dansen en zingen. Gelukkig stonden er daags daarna geen koeien te wachten. Toen zat hun boerenleventje er alweer op.
Wat ze eraan overhielden is onder meer een onverwacht mooie bruidsreportage op DVD.
Een deel ervan staat op de internetsite van de Spoeëkejaegers. Gauw kijken!

Zonder inzet geen succes. Petje af voor de commissieleden die, leuk verkleed, een show wisten neer te zetten die jongeren in deze leeftijdscategorie boeit.
Die moeten in groep 7 of 8 of in de brugklas zitten, maar dan staan ze ook te trappelen.
In korte tijd is het dus een vast onderdeel aan het worden van de carnavalstraditie hier.
De ouders worden vanaf het begin bij het hele spektakel betrokken. Willen en kunnen zij
én hun gezin mee in het geheimzinnige spel dat op gang komt als hun kind wordt uitverkoren? Hebben zij tijd en energie over voor extra bezoeken aan een kledingwinkel? Etc. etc. Er komt veel bij kijken, maar tot nog toe was er alle medewerking in de Swartbroeker gezinnen.

W.G.


 OP AUDIËNTIE bij de kleine prins en prinses.                                                             2009

Woensdagmiddag, dé audiëntietijd van Jeugdprins Remco en Jeugdprinses Tessa.
Een uurtje hebben ze; mama Maria waakt over de prinselijke agenda. Ook Marga, Tessa's tante, schuift aan. Om te beginnen even aandacht voor de hobby's: gamen via de computer en zingen bij Cantarella. De symbolen ervan vind je op hun zelfontworpen (!) wapenschild.
Wat maakten ze zoal mee in de voorbije weken?
Sinds 12 december bekleden ze hun hoge functie. Boven de bank een felicitatiekaartenslinger. Een ervan komt op tafel, een geheimzinnig exemplaar, rond kerst zat die bij de post. Kon alleen maar van de grote prins en prinses komen. Maar ja, die zaten toen nog in de kast en mochten zich niet verroeren. Handschriftkundig onderzoek had geen zin, er moest gewacht worden op hét grote moment.
Het prinsenbal op 10 januari was dat moment: dé grote dag in hun kortstondige prinselijke carrière. Op de bühne staan, toegesproken worden door de Spoeëkejaegersleider, je ouders mogen opnemen in je orde, die kaartschrijvers kunnen bedanken (gelukkig, bekenden!) en bovenal: voorop in de polonaise en dansen met de jeugdraadsleden. Carnaval = polonaise!
De prins is het met de paplepel ingegoten en hij kan het wel van de daken schreeuwen.
Of gewoon vanaf een tafel. Hij doet voor hoe dat moet. ". . hieël Swartbrook oppe kop."
Wat worden nog hoogtepunten?
Het Prinsentreffen. Dan filmt en interviewt Weert-TV de jeugdige carnavalsadel uit de regio. Je kunt hen op televisie zien in het weekend 13-15 februari.
Niet minder super wordt de Kinderbontemiddag, 14 februari. In ons zingende dorpje maak je
de Blitz met een prinselijk life-optreden. Wel, dat gáát dit jaar gebeuren!  Ze oefenen zich rot.
En dan natuurlijk de optocht: zwaaien naar al die mensen langs de straten van je dorp.
Één hoogtepunt staat niet op de officiële Spoeëkejaegersagenda: de "schminkmiddag" op maandag 23 februari in De Smeed: een gezinsmiddag, ooit opgezet door deze jonge ouders en hun generatiegenoten. Alle aanwezigen, ook de volwassenen die op dat moment aan de tap zitten, worden gepimpt en Renee zorgt voor versnaperingen. Wat wil je nog meer?
De boom en de appel  . . . .
Onverwacht snel was het uurtje voorbij. Het prinselijk duo moest weg, voor de zangrepetitie. Marga en Maria evenwel waren nog lang niet uitgepraat over de vele typische elementen van de Swartbroeker carnaval: de warme onderlinge band, de gang van zaken en de afspraken binnen de vereniging waardoor ouders ook hun jongere  kinderen mee kunnen laten genieten van activiteiten in de avonduren, het unieke van overal die griezeltjes achter de ramen en hoe ze, samen met hun kroost, in het holst van de nacht het spook weer De Krang indrijven . . . .
 
P.S. voor Thea, de moeder van Tessa.
        Je dochter is de mooiste Prinses van het Land, aldus de twee rasspoeëkejaegerinnekes.
        Dat je er maar gauw weer bij bent!

W.G.


 "Unne daag neet gelache is utzelfjde as unne daag neet geleifd"                               2009

Vrijdagavond  . . . bouwondernemer Ger legt tekeningen en calculator "aan de kantj" en verruilt zijn veiligheidshelm voor de Spoeëkejaegersmuts. Klaar voor zijn onbezoldigde baan als voorzitter van de carnavalsvereniging in 't Spoeëkelandj. Volle agenda. Toch nog tijd voor de schrijver, maar dan spoorslags naar café De Molen. Daar wacht de loterijcommissie op hem voor de maandelijkse trekking in de unieke Spoeëkejaegersloterij, met een prachtige, eigengemaakte ballenmachine uit 1982. Na 12 jaar bestaan te hebben lag de vereniging toen eigenlijk op apengapen, maar een zestal dorpsgenoten hebben er nieuw leven in weten te blazen. Onderdeel van die reanimatie was de loterij én de ballenmachine. De ZES horen nog steeds bij "de mutsen". (Ra, ra: wie zijn ze?)
Onder het wakend oog van de commissie mag de winnaar van de voorafgaande maand
de ballen husselen en de geluksgetallen uit de machine laten rollen. De naam van degene die de trekking verrichtte én de uitslag staan telkens vermeld in het Kontaktblaadje.
Ger schildert het ritueel in geuren en kleuren. "Om de mensen een idee te geven. Zij zijn het tenslotte die het ons mogelijk maken het carnavalsfeest in Swartbroek te organiseren."

De Carnavalsvereniging brengt gezellige spanning in ons dorpje, en dus ook ontspanning.
In de loop van het jaar bijvoorbeeld organiseert men het "prins raden": gewoon op een briefje schrijven wie volgens jou de volgende prins is. Kost maar één euro en misschien win je een prijsje. Al die namen worden verwerkt in een statistiek en die vormt weer een belangrijk instrument bij de jaarlijkse prinsenkeuze. Aan kandidaten gelukkig geen gebrek.
Het bestuur kan dus sturen. Is bijvoorbeeld Buurtschap De Hei, in 1970 bakermat van
de Spoeëkejaegersvereniging, weer toe aan een prins dan kómt hij daar. En wordt het tijd voor verjonging van de vereniging dan krijgt een jeugdige Swartbroeker de prinsenmantel omgehangen, zoals dit jaar.
"Om te oogsten, je doelstellingen te bereiken, moet je eerst zaaien." De organisatiestructuur van de vereniging breed houden: enerzijds met duidelijke sectieopdrachten en anderzijds met aandacht voor de karakters en mogelijkheden der individuele leden. Én je moet investeren in goede contacten met de andere verenigingen. Zo kun je ook in een klein dorp veel bereiken. Neem het jubileumfeest van Eendracht. De zangers vroegen en kregen volop medewerking van alle kanten, van de Spoeëkejaegers in het bijzonder. Je hebt het resultaat gezien: een grandioos muzikaal spektakel, voor en door Swartbroek.

CARNAVAL: heel veel inwoners, ook veel jongeren en kinderen, zetten zich er persoonlijk voor in en leven gedurende de donkere wintermaanden toe naar de bijzondere momenten: kinderbontemiddag, bonteavonden, schoolhosmiddag, prinsenreceptie, boerenbruiloft, vastelaovundjmis, schminkmiddag, optocht, vastelaovundjmiddig, etc.
Carnaval in Swartbroek is een succes, mag je wel zeggen. En dat komt volgens Ger door
de gemoedelijkheid waar ons dorp om bekend staat: geen rangen en standen.
Het is een kwestie van mentaliteit, van sfeer. Kijk naar de tekening op het Kontaktblad.
Die sfeer koesteren is ‘het geheim van de smeed'.
En wat dacht je van zijn eigen levensmotto? (zie de tekst boven dit stukje)

W.G.


 Op audiëntie bij de grote prins en prinses                                                                     2009

Bestuursleden van de carnavalsvereniging vragen op een gegeven moment of je prins wilt worden.
"Stomverbaasd waren we. Wie mij een beetje kent weet dat ik er echt nog nooit bij stil had gestaan dat ze ook mij zouden kunnen kiezen. Bovendien, ‘t was rond kermis. Carnaval is dan nog vér weg. Twee dagen bedenktijd kregen we. Na één nacht niet slapen wisten we het."
Weken was er niet veel aan de hand. Ze deelden samen hun geheim en knipoogden ‘ns naar die bestuursleden . . . tot er posters verschenen met "wie is de prins?" Gelukkig werden ze niet gemist op de nieuwjaarsreceptie van RKSVV. Daar wordt namelijk volop "gevist".
Ze mochten namen noemen van mogelijke adjudanten, die overigens pas één week voor
de uitroeping de vraag krijgen of ze willen. En ook zij moeten zwijgen. In feite valt alles en iedereen onder de zwijgplicht; tot aan het eind weet je eigenlijk NIKS. "Leuk, joh!"
Wat zijn tot nog toe hoogtepunten geweest?
"Hoe het ons lukte ons geheim tot het allerlaatst voor papa geheim te houden.Toevallig kreeg hij een aanwijzing, maar hij meende dat onze zwager bedoeld werd. Aan mij dacht hij niet. Schitterend! "
Samen met de Spoeëkejaegersfamilie bezochten ze al een stel prinsenrecepties in de buurt.
De kleine prins en prinses staan dan gezellig tussen hen in. En als de kapel begint te spelen verdwijnen hun zenuwen. Ineens! De Spoeëkejaegers gaan met hen om zoals een vriendin aantuttelt met een bruidje, vlak voor het vertrek naar het gemeentehuis: op een heel leuke en natuurlijke manier worden ze bijgestaan in het schikken van de prinselijke kledij. Dat alles hadden ze niet verwacht. Het geeft een warm gevoel van binnen.
Echt een verrassing vormde het wapenschild bij hun orde van Ut Passerke, met instrumenten van de wiskundeleraar erop: passer (tekent de bodem), wortelteken en schoolbord met daarop de eigenaardig toegepaste stelling van Pythagoras: a2  +  b2 = Prins Stefan I. 
Wat komt er nog op hen af?
De Prinsenreceptie natuurlijk, op 15 februari. Daar hopen ze veel Swartbroekers te zien.
En ze wachten rustig af hoe de naburige prinsen hen dan op hún beurt zullen kullen.
Het letterlijke hoogtepunt beleven ze waarschijnlijk een uur lang in de optocht, als ze samen bóven op de prinsenwagen staan. Cindy heeft hoogtevrees. Ai!
Welke wens hebben ze voor Swartbroek?
De Swartbroeker verenigingen zijn onderling geen los zand. Neem de kindervakantieweek: omdat we elkaar kennen en vertrouwen kan er dan snel en soepel geïmproviseerd worden. Daar kunnen andere plaatsen niet aan tippen.  Die onderlinge band vasthouden! luidt hun welgemeende wens voor ons dorp. En vanaf de prinselijke zetel in hun feeëriek verlichte residentie hopen ze op unne gezellige vastelaovundj voor iedereen.

W.G.


 Met de muziek mee . . .                                                                                              2009

Liep je de afgelopen maanden op een koude dinsdagavond voorbij Café De Molen dan kon je je ziel warmen aan de klanken van carnavalsmelodietjes die zich door de kieren naar buiten wrongen. Binnen, rond het biljart van het bruine kroegje en onder de hoede van Broer, oefende de muziekkapel der Spoeëkejaegers hun repertoire, wekelijks. Sommigen met nog maar een klein aantal lentes op de teller, anderen al jaren getooid met grijze haren en de meesten daar ergens tussenin.

Op prinsenrecepties en andere momenten krijgen kapelleden nog versterking van eegaas en vrienden. "Gewapend" met tamboerijnen en rammelsjeng (stampstok met rammeltjes) en op hun beurt geruggensteund door de Raadsleden met hún partners vormen die de verbinding tussen kapel en toehoorders. Om de toehoorders gaat het tenslotte; zij moeten enthousiast worden en in beweging komen. De beentjes van de vloer, daar draait het om bij carnaval!

Het is juist die doelstelling die de sfeer in de groep relaxed  maakt. Misschien ook wel het tenue: als enige carnavalskapel in de omgeving dragen ze boerenkleding. Aan de andere kant mag een carnavalsmuzikant ook weer niet een beetje staan te suffen. Bij "saluut!" moet het instrument aan de mond zijn, want meteen daarna volgt de klap op de LIBA-trom en gaat ie van ta-da!, ta-daa!!, ta-daaa!!!  Als toeteraar ben je dus geen rustige spookverdrijver en al dat geblaas en getrommel komt je niet aangewaaid, er moet serieus voor gerepeteerd worden. Wat wel een ernstige handicap is: de dames en heren verliezen aardig wat vocht. Maar daar hebben ze wat op gevonden, wees gerust.

De muzikanten doen bij tijd en wijle ook mee met andersoortige happenings in Swartbroek.
Dan spelen ze uiteraard heel andere muziek, zoals onlangs bij de lichtjestocht van de school, "op zoek naar de levende kerststal".
En natuurlijk trekken ze de grenzen van hun dorpje ook wel eens óver, voor een gastoptreden of een uitstapje.

W.G.


 De Spoeëkejaegersadel.                                                                                                 2009

Zaterdag 10 januari, prinsenbal, presenteerden de Spoeëkejaegers hun kleine en grote prinsen en prinsessen aan het Swartbroeker publiek. Het jeugdige duo was sinds 12 december bekend, nú restte het wachten op de grote prins. Door middel van een carnavaleske act met hoog mannenkoorgehalte werden vanonder witte spokenkleren de laatste geheimen onthuld, met als rode draad het Leedje veur Swartbrook: "Ich zing veur Swartbrook, oos sjoeëne Swartbrook, de parel in de kroeën van Wieërtj, woeë ich 't laeve heb gelieërdj  ... Want aan 't Swartbrooks landj heb ich mien hert verpandj!"
Één personage voerde daarin de boventoon en de carnavalliefhebbers hadden weinig moeite met raden wie die uitbundige krullenkop met zijn levendige gebarentaal moest voorstellen.
De uitgebeelde zélf, erelid der Spoeëkejaegers en gelauwerde Eendrachtzanger, stond er geamuseerd naar te kijken. "Mooi dat het bestuur dit jaar weer enkele jóngeren bereid heeft gevonden de kar te trekken. Ook Spoeëkejaegers zijn gebaat met vers bloed."

Eerst nog even jeugdprins Remco en Prinses Tessa . . . ze lieten zien wat zo'n uitverkiezing met een mens doet: voorop in de polonaises op de vrolijke tonen van spoeëkejaegerskapel en diskjockeys en heel de avond dansen en lol maken met de andere jeugdige spoeëkejaegertjes. Hun ouders kregen als eersten het ordeteken van UT MUZIKALE GAMERKE omgehangen, en plechtig proclameerden ze: "Met de bâl aan de voot, het paert in galop, zoeë zette wae hieël Swartbrook oppe kop". ALLAAF !!!  Klap op de grote trom, té té - té téé - té tééé !!!   
'n Muzikaal "gamerke" (afgeleid van het Engelse game) houdt van muziekspelletjes op
de computer. Het blauwe wapenschild der jeugdprinsen vertoont een muzikaal gamespook. Het spettert van het beeldscherm af. ‘n Onschuldig wezentje of misschien toch ‘n griezel?
Bij spoken weet je dat maar nooit. Even naar vragen als ik op audiëntie mag komen.

En dan Prins Stefan, Prinses Cindy en hun adjudanten Danny en Robert  . . . de ondeugd straalt van hun gezichten. De prins liet zelfs zijn bloedeigen vader tot het allerlaatste in
het ongewisse over zijn uitverkiezing. Elkaar kullen . . . het hoort bij carnaval.
In de naburige prinsenpaleizen, Kujeldreiers Kelpen, Zoatmaale Stramproy en Moerebuuk Ell (om er enkelen te noemen) hebben ze Stefan intussen leren kennen als snedige vertolker van het carnavalsgevoel in zijn Spoeëkejaegerslandj. Vergezeld van Vorst, Raad van Elf, vv-bestuur, boerenkapel en een bonte stoet volgelingen wenst hij dan zijn adellijke collega's namens heel het Spoeëkelandj "eine sjoeëne vastelaovundj", biedt ludieke en toepasselijke cadeautjes aan en neemt hen plechtstatig op in de orde van UT PASSERKE.  

Dorstlustige Hoogheid,  a2 + b2   = Prins Stefan I   staat op uw wapenschild. Als prinselijke docent wilt U deze wiskundige orakeltaal nog wel een keer uitleggen, toch, op uw eigen receptie, zondagmiddag 15 februari, op de boonte aovundje, in  de vastelaovundjmis  . . .
Uw volgelingen hangen dan aan uw lippen. Uw huiswerkopdracht in de weken vóór carnaval dringt inmiddels door tot in de verste uithoeken van uw rijk: "Lek de passer aan de kantj om saame te fieëste in ut Spoeëkelandj".

W.G.


 . . . DE PRINS GESPROKEN ?                                                                                         2009

Swartbroek komt weer in de carnavalsstemming.
Al op vrijdagmiddag 12 december 2008 gaf het kersverse jeugdprinsenpaar Remco en Tessa het goede voorbeeld: voorop in een polonaise door de lange gang en de klaslokalen van hun witte leerhuis. (Voor de laatste keer ??? Want er gáát wat verrijzen uit de reuzenzandbak
die ons dorpje momenteel rijk is!)  Medescholieren, zelfs niet-leerplichtige Swartbroekertjes, vrolijk huppelende jeugdraadsleden, leerkrachten, ouders en volwassen Spoeëkejaegers hosten eensgezind achter het prinsheerlijke stel aan, geen onderscheid in rang of stand. Carnavalisten hebben weinig nodig om in de benen te komen; als er maar muziek in zit.
"Eens kijken hoeveel ballonnen je in één minuut kunt opblazen." De kersverse prins-hoogheid kreeg meteen zijn vuurdoop en werd daarbij luidkeels aangevuurd door tientallen jeugdige en oudere getuigen, die vrijdagmiddag samengedromd in het handwerklokaal. "Want denk eraan: prins en prinses zijn is niet zomaar iets. Je bent wéken in touw; daar heb je een lange adem voor nodig!" De jeugdprinsadjudant, leider van het verkiezingsspektakel, proclameerde deze wijsheid heel nadrukkelijk en de kleine prins knikte uiterst serieus "ja!". 
Het hele gebeuren is vastgelegd op foto's, te zien op de site van de Spoeëkejaegers.
Petje af voor de carnavalsvereniging! Ieder jaar weer het jonge volkje er op een gezellige manier  bij betrekken. Zolang nog zóveel volwassenen daar tijd voor vrijmaken (er een vrije middag voor opnemen!) zit het wel snor in Swartbroek.
"De spijker waar we de ballonnen aan hadden hangen bewaren we voor het nieuwe gebouw", verzekerden enkelen van hen.

Intussen verstreken een stel weken, wist onze eigen Henrie van Geneijgen naam te maken als buutteredner en "heel Limburg" te laten weten waar Swartbroek ligt (aldus voorzitter Ger S.). Inmiddels is er alweer aardig wat gelachen, werd het ware Spoeëkejaegersgevoel getoetst en repeteerde de muziekkapel iedere dinsdagavond in cafë De Molen zijn vrolijke repertoire. Verder kreeg de carnavalsvereniging een nieuwe, sportieve en muzikale vorst en schaarde ook dit jaar weer zich een bonte stoet volgelingen achter het verse prinsenpaar Stefan en Cindy. Hún advies luidt: "Lek de passer aan de kantj om saame te fieëste in ut spoeëkelandj".  Swartbroek is zich weer aan het opmaken om allerlei schrikbeelden en spoken te verdrijven
. . . na de prins gesproken te hebben, natuurlijk!

W.G.


 Levende traditie?                                                                                                             2009 

Alweer bijna veertig jaar viert Swartbroek carnaval.
1970 is het oprichtingsjaar van Carnavalsvereniging De Spoeëkejaegers, in 1971 was hun muziekkapel voor het eerst te horen. Door het sluiten van Zaal Derckx, eind 2001, viel een vaste basis onder het feest weg. Maar de vereniging zat bepaald niet bij de pakken neer. Ieder jaar dat volgde werd in het tijdsbestek van een goede maand  twee keer sporthal  Molenzicht in no time omgetoverd tot een prinsheerlijk onderkomen. Telkens weer noodbühne en -buffetten opbouwen, extra elektra aanleggen, plaatsen van wc-wagen, tent en hekken, een beschermende vloer over de kwetsbare sportzaalbodem leggen, het tijdelijke prinsenpaleis versieren, etc. etc.  . . .
Ieder jaar hetzelfde ritueel en iedere keer weer een uitdaging van jewelste voor de leden.
Daarnaast natuurlijk ook nog de "gewone taken" zoals het zoeken van de prins, het bouwen van de prinsenwagens, het organiseren der bals en boerenbruiloften, het regelwerk voor de bonte avonden en de optocht, de financiële kant van het hele verhaal, de zorg voor het natje en droogje (vooral het natje!) der carnavalsvierders, het bezoeken van zieken, senioren en collega-verenigingen . . .  Het kon en kan alleen dank zij een soepel draaiende organisatie en dank zij de kunst van het delegeren richting de werkgroepen. (De vereniging telt maar liefst 25 werkgroepen en commissies, ieder met een eigen opperhoofd.)

De geschiedenis leert dat het hoogtepunt van deze periodieke zotheid een kleine 500 jaar geleden te vinden is. De gouden jaren van het carnaval in onze lage landen liggen tussen 1500 en 1600. In de eeuwen daarna kwam deze volkse uitbundigheid tot stilstand, onder druk van de (protestantse) overheid, daarin gesteund door de hogere stand op kerkelijk niveau, ook de roomse bisschoppen en priesters. Die waren toch al geen fans van de vettige sneren vanuit de volkse onderbuik. (Pastoor Michael Dorresteijn z.g. kun je wat dat betreft rustig een witte raaf noemen. Maar ja, hij was franciscaan, lid van een volkse kloosterorde en dus ook "een gewone man".)
Sinds de Middeleeuwen is onze wereld anders geworden, minder overzichtelijk en dus moeilijker op de korrel te nemen. Onze levensvisie is ook burgerlijker dan destijds, ieder ploetert meer voor zichzelf. We leven gewoonweg keuriger dan vroeger. "Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg" zit er flink ingehamerd. En toch halen carnavalsvierders ieder jaar weer het oude motto uit de kast: overal lak aan hebben, met z'n allen de bestaande waarden en normen, weten en regels even terzijde schuiven. Dicht op elkaar staan, even geen rangen of standen, samen op zoek naar waar je om kunt lachen. De nar is overal om je heen, zit in jezelf: de nar die de draak steekt met die regeltjes. Lachend en drinkend gaat het erin als zoete koek en even besef je: alles is betrekkelijk. Een collectieve zuivering, om vervolgens weer het normale en ordelijke burgermansleven op te pakken, geestelijk opgefrist.
Is het een levende traditie? Wordt de carnavalsgedachte alom gedragen? Men zou de huidige mens meer zotheid willen toewensen. Aan de nar ligt het niet. Die hield en houdt zijn toeschouwers nog altijd dezelfde spiegel voor: alles is betrekkelijk.

W.G.

 
 
 
« ga terug|print|vertel kennis